Pedagogisch klimaat

Pedagogisch klimaat op basisschool De Dromenvanger

Inleiding

Leerlingen doen op school niet alleen vakkennis en- vaardigheden op, het is ook een plek waar zij leeftijdsgenoten ontmoeten, kennis maken met de samenleving, met normen, waarden en omgangsvormen. Dat hoort bij dat zij leren, oefenen en soms ook grenzen overschrijden. In een veilig schoolklimaat zijn er grenzen en regels, wordt adequaat opgetreden tegen grensoverschrijdend gedragen en worden leerlingen aangemoedigd om positief gedrag te laten zien.

Sinds augustus 2015 dienen volgens de Nederlandse wet alle scholen een pestprotocol te hebben op basis van een goedgekeurd anti pestprogramma. De Dromenvanger werkt met de Kanjertraining. Dit is door het Nederlands Jeugd Instituut (NJI) goedgekeurd als anti-pestprogramma.

De Dromenvanger streeft naar een positieve, opbouwende sfeer met duidelijke grenzen voor alle betrokkenen. We doen dit enerzijds binnen de kaders van de wet en anderzijds binnen het kader van de Kanjerafspraken. In 2011 is de kanjertraining vernieuwd. Enkele teamleden waren al geschoold voor de fusie. In 2016 is het hele team van De Dromenvanger opnieuw geschoold om Kanjertraining te mogen geven. In september 2016 heeft het team een laatste nascholing gevolgd tijdens de studiedag om officieel Kanjerschool te worden. Alle leerkrachten hebben nu minimaal licentie A. Over 1,5 jaar gaan zij nog een scholing volgen om de volgende licentie te halen.

De uitgangspunten, afspraken en werkwijze om te komen tot een sociaal veilige school staan beschreven in deze notitie. Ook het project ‘een school om in te wonen’ bestaat uit een aantal duidelijk aan te bieden pictogrammen/ regels die op de Dromenvanger al enkele jaren toegepast worden. De pictogrammen/ regels krijgen daar waar nodig (wanneer de dagelijkse praktijk daarom vraagt), gedurende het gehele schooljaar de nodige aandacht. De volgende regels worden gehanteerd:

  1. Samen op het plein
  2. We lopen rustig in de gang
  3. Na werken opruimen
  4. Let op je taalgebruik
  5. Iedereen hoort erbij.

De notitie ‘Kanjertraining beschrijft’(ook) hoe er preventief gewerkt wordt om sociaal onwenselijk gedrag te voorkomen en te bestrijden.
Wanneer toch ongewenst gedrag optreedt en het gedrag hardnekkig blijkt te zijn, treedt een pestprotocol in werking. Dit protocol is er op gericht dat onwenselijk gedrag stopt. Het is curatief van karakter. Het leidt tot een stappenplan wat er toe moet leiden dat het ongewenste gedrag stopt. De stappen die dan worden gezet zijn in het pestprotocol beschreven.

Het team zorgt voor een stimulerend en positief schoolklimaat. Er zijn duidelijke regels, zichtbaar geborgd in de school. Afspraken worden nagekomen. De positieve sfeer in de school is in alle gesprekken bevestigd. In het Inspectierapport van 2014/2015 heeft het schoolklimaat een goede beoordeling gekregen (4.7: Het personeel van de school zorgt ervoor dat de leerlingen op een respectvolle manier met elkaar en anderen omgaan). De veiligheid is gewaarborgd met een preventief en curatief veiligheidsbeleid. Onderdeel daarvan is een regelmatige meting van de veiligheidsbeleving van personeel en leerlingen. Verbetering op dit punt is mogelijk door met regelmaat schoolbreed de incidenten te evalueren en indien nodig vertalen in een aanpassing van het beleid.

Hoofdstuk 1: De Dromenvanger een Sociaal Veilige School

Basisschool De Dromenvanger is een sociaal veilige school waarin onderling vertrouwen tussen leerkrachten, ouders en leerlingen de basis is. Dit betekent dat uitgegaan wordt van het goede in iedereen en dat de ander het ook goed bedoelt. Vanuit dit klimaat van vertrouwen wordt een leerling, ouder en leerkracht gezien en gehoord. Er is oog voor de eigenheid van iedere leerling. Ouders en leerkrachten werken samen om voor de leerling een optimale leer- en speelplek te creëren. In een veilige school kan ieder zichzelf zijn, met de eigen unieke talenten en eigen gedrag met respect voor de ander.

Er zijn duidelijke afspraken over gewenst en fatsoenlijk gedrag en er zijn consequenties als deze worden overtreden.

De directie en de leerkrachten hebben een voorbeeldfunctie. Zij zien de sociale omgang als een proces waarin fouten gemaakt worden en samen geleerd wordt hoe fouten worden opgelost en hoe op een fatsoenlijke manier met elkaar wordt omgegaan.

Het uitgangspunt bij de Dromenvanger is ‘de wereld van vertrouwen’. Deze term komt uit de Kanjertraining en hiermee wordt het volgende bedoeld; ‘Een manier van omgaan met elkaar waarbij uitgegaan wordt van gelijkwaardigheid, respect en vertrouwen’.

De regels die gelden in ‘de wereld van vertrouwen’ zijn:

  • We vertrouwen elkaar;
  • We helpen elkaar;
  • We werken samen, niemand speelt de baas;
  • We hebben plezier, niemand lacht een ander uit;
  • Iedereen doet mee, niemand doet zielig.

Deze uitgangspunten van de Kanjertraining helpen bij het vormgeven van een sociaal veilig klimaat. Duidelijk wordt gesteld dat de leerlingen ten opzichte van elkaar niet de baas zijn. De leerkracht daarentegen is op school ‘de baas/het gezag’ en de ouders zijn dat thuis.

Net als op elke plek waar mensen samen leven of werken is ‘de wereld van wantrouwen’ ook aanwezig. Hiermee bedoelen we de momenten waarop gereageerd wordt vanuit boosheid/ irritatie, angst of wantrouwen. Deze ‘wereld’ wordt door leerkrachten herkend en erkend en gezien als een moment waarop we samen kunnen leren. Met behulp van diverse aanpakken uit de kanjertraining herstellen we het vertrouwen en kunnen we vandaaruit verder. Een school zonder ruzie en onenigheid is een illusie. De realiteit is dat ook pesten bestaat. Dit onderkennen we en we leren de leerlingen hiermee om te gaan. We zien dit als een proces waarin iedereen iets te leren heeft.

Hoofdstuk 2 Belangrijke uitgangspunten Kanjertraining

Inleiding

De Kanjertraining heeft een heldere aanpak die goed aansluit bij de doelstellingen van het onderwijs en de belevingswereld van het kind. De Kanjermethode heeft de volgende doelen die na een goed doorlopen programma kunnen worden bereikt:

  • Leerlingen durven zichzelf te zijn;
  • Leerlingen voelen zich veilig;
  • Leerlingen voelen zich bij elkaar betrokken;
  • Leerlingen kunnen hun gevoelens onder woorden brengen;
  • Leerlingen krijgen meer zelfvertrouwen;
  • De leerkracht wordt gerespecteerd;
  • Pestproblemen worden hanteerbaar.

Ook ondersteunt de Kanjertraining algemene opvoedingsnormen. De uitgangspunten worden gewaardeerd en erkend door de ouders.

2.1 Waarom de Kanjertraining?

Leerlingen hebben het verlangen ‘erbij te horen’ “Erbij horen ” vergt bepaalde sociale vaardigheden die de ene leerling beter gebruikt dan de andere leerling. De Kanjertraining leert leerlingen de sociale vaardigheden die nodig zijn om opgenomen worden in de groep.

Het belangrijkste doel is dat een leerling positief over zichzelf en de ander leert denken.

De Kanjertraining geeft leerlingen handvatten in sociale situaties.

De kanjerlessen versterken het onderlinge vertrouwen en het besef dat het goed is elkaar te helpen. Binnen dat kader speelt niemand de baas, heeft iedereen plezier met elkaar en is niemand of blijft niemand zielig. Ofwel de kanjerafspraken!

2.2 Onderwerpen die bij de Kanjertraining aan de orde komen zijn:
  • Jezelf voorstellen/jezelf presenteren.
  • Iets aardigs zeggen en met een compliment weten om te gaan.
  • Met gevoelens van jezelf en met de gevoelens van de ander weten om te gaan.
  • Ja en nee kunnen zeggen. JA als je iets prettig vindt, en NEE als je iets vervelend vindt.
  • Je mening vertellen, (maar niet altijd).
  • Een ander durven vertrouwen en te vertrouwen zijn.
  • Samenwerken
  • Vriendschappen: goede vrienden, onderhouden vriendschap, kwijtraken vrienden.
  • De kunst van vragen stellen/belangstelling tonen. Probeer een ander te begrijpen.
  • Kritiek durven en kunnen geven en te ontvangen. Voordeel doen ontvangen kritiek.
  • De kunst van antwoord geven/vertellen. Laat je begrijpen door een ander.
  • Zelfvertrouwen, zelfrespect, trots zijn.
  • Leren stoppen met treiteren.
  • Uit slachtofferrollen stappen en het heft in eigen handen nemen.
2.3 Wekelijks Kanjertraining

Vanaf groep 1 t/m groep 8 krijgen de kinderen wekelijks een kanjerles. Hierbij wordt de methode gevolgd zoals deze is ontwikkeld. Middels verhalen, gesprek, oefeningen, rollenspellen komen onderstaande sociale onderwerpen aan de orde.

  • Specifieke kanjerkringen
    Inzetten kanjerkringen of oefeningen om een goede leer- en speelomgeving te creëren. Specifiek bij pestgedrag in de groep, beheersing kunnen opbrengen of omgaan met boosheid.
  • Kanjer van de week of dag.
    Een leerling wordt in het zonnetje gezet en andere kinderen geven complimenten.
  • Kanjerdiploma
    In alle groepen krijgen de leerlingen aan het einde van het jaar een diploma. Elk leerjaar staat er een specifiek onderwerp centraal. Tijdens een speciale kanjerkring wordt de leerlingen gevraagd te laten zien wat ze geleerd hebben dit jaar. De leerkracht is vrij om dit naar eigen inzicht vorm te geven. De leerlingen krijgen in hun rapport het diploma.
  • Intervisie
    Leerkrachten hebben tijdens de collegiale consultatie, vijf keer per jaar, op gestructureerde wijze uitwisseling.
  • Klassenbezoeken
    Jaarlijks zijn er onderlinge klassenbezoeken om van en met elkaar te leren. De kijkwijzer bestaat uit drie onderdelen waarvan een deel speciaal gericht is op het sociale klimaat.
  • Betrekken ouders
    Het betrekken van ouders bij het pedagogisch klimaat in de school wordt gestimuleerd. Zo hebben ouders 1 keer per jaar de mogelijkheid een kanjerkring in de klas bij te wonen.

Hoofdstuk 3 Pestgedrag en oplossingsgericht werken

Inleiding

Het pestprotocol is onderdeel van het Veiligheidsplan van de Dromenvanger. Het is opgesteld om goed te kunnen reageren op situaties waarin een leerling wordt gepest of pest. Dit protocol sluit aan bij de Kanjermethode. Zie bijlage pestprotocol.

3.1 Pesten

De Kanjertraining gaat ervan uit dat in de meeste gevallen wanneer een leerling zich gepest voelt, de ‘pester’ niet de bedoeling heeft de ander pijn te doen. Wanneer de gevolgen voor de gepeste duidelijk worden gemaakt aan de pester, zijn de meeste leerlingen bereid hiermee te stoppen. En als dat niet voldoende is, dan wordt duidelijk gemaakt wat de sociale gevolgen voor de pester zelf zullen zijn. Pesten gebeurt per definitie achter de rug van degene die kan ingrijpen, zoals een vader/moeder, juf of meneer.
Dat betekent dat er goed moet worden samengewerkt tussen school en ouders en dat de leerlingen moet worden geleerd hoe zij kunnen aangeven dat zij zich gepest voelen, of merken dat er in hun omgeving wordt gepest.

3.2 Kanjer Volg- en Adviessysteem (KanVAS)

Voor scholen die in het bezit zijn van een geldige Kanjerlicentie, is er een Kanjer Volg- en Adviessysteem (KanVAS). Het is een eenvoudig en praktisch te hanteren systeem. De Inspectie keurt het gebruik ervan goed, als het systematisch wordt gebruikt als vinger aan de pols. Leerlingen die opvallen binnen het systeem moeten nader worden gediagnosticeerd. Het KanVAS bestaat uit de volgende vragenlijsten:

  • Docentenvragenlijst
  • Leerlingvragenlijst (vanaf groep 5 t/m 8)
  • Sociogram (vanaf groep 5 t/m 8)

Middels dit volgsysteem brengt de school stelselmatig in kaart of leerlingen zich gepest voelen, bang zijn gepest te worden en of ze zelf aangeven te pesten. De school is ook alert op hoge scores op ‘ongelukkig somber’, die kunnen duiden op gepest worden. Leerlingen en/of ouders kunnen in gesprek met de leerkracht aangeven wanneer zij denken gepest te worden.

3.3 Oplossingsgerichte aanpak

De school zet middels de Kanjerlessen in op het versterken van het onderling vertrouwen en het besef dat het goed is elkaar te helpen. Binnen dat kader speelt niemand de baas, hebben we plezier met elkaar, en is niemand zielig. Duidelijk wordt gesteld dat de leerlingen ten opzichte van elkaar niet de baas zijn. De leerkracht daarentegen is op school “de baas/ het gezag” en de ouders zijn dat thuis.

Als een conflict zich tussen kinderen afspeelt dan zal de school kiezen voor een oplossingsgerichte aanpak. Dat wil zeggen: de school zoekt een oplossing die alle partijen (zo veel mogelijk) recht doet, en borgt gemaakte afspraken. Een oplossingsgerichte aanpak is te onderscheiden van een wraak- en haatgerichte aanpak (vormen van bedreiging en kwaadsprekerijen) of een zeurgerichte aanpak (indirecte kwaadsprekerijen en slachtofferschap). Kortom: doe elkaar recht.

3.4 Voorkomen van pesten en bevorderen van een veilige sfeer

Met behulp van de kanjerlessen doet de school aan preventie. Kernpunten in de aanpak als het gaat om pestproblematiek voorkomen zijn:

  • De Kanjerafspraken.
  • Denk positief over jezelf en de ander.
  • Pieker niet, maar deel je zorgen met de ander, bij voorkeur met je ouders.
  • Denk oplossingsgericht.
  • Geef op een nette manier je mening en doe je voordeel met kritiek die je krijgt.
3.5 Wat leren kinderen op de Dromenvanger met betrekking tot omgaan met vervelend gedrag?

Leerlingen gaan prettig en vervelend met elkaar om; dat is de realiteit. Bij vervelend gedrag leren wij de leerlingen: ‘Blijf rustig, haalt je schouders op. Sommige leerlingen zijn gewoon in de war. Maak je niet druk‘. Als het door blijft gaan ga je naar je maatje of de meneer/juf.

Tijdens de kanjerlessen leren de leerlingen op verschillende manier om te gaan met situaties en er in de praktijk mee te oefenen. De juf of meneer is er altijd wanneer het bij een leerling nog niet helemaal lukt. Duidelijk mag zijn dat er in de onderbouw meer afhankelijkheid is van de leerkracht en richting de bovenbouw de verantwoordelijkheid van de leerling toeneemt.

De belangrijkste regel van het pesten luidt:

Word je gepest, praat er dan thuis en op school over. Je mag het niet geheim houden!!